| |
Geschiedenis
Grafkapel van Rubens |
Wandel door de kerk
In
Antwerpen, buiten de toenmalige stadsomwalling richtte Thomas Huyghman
in 1413 een St-Jacobskapel op met een bijhorende herberg voor de
overnachting van de bedevaarders naar Santiago de Compostella. Door de
vierde stadsuitbreiding kwam ze binnen het stadsgebied te liggen en
verloor zo haar aanvankelijke functie. Achteraf bleek deze kapel de
aanleiding tot het stichten van een nieuwe parochie en het bouwen van
de huidige kerk, met speciale toelating van Paus Sixtus IV. Het
merkwaardige aan de bouwgeschiedenis (1491-1656) is, dat men begint met
de toren en niet met het koor, zoals gebruikelijk. Ze eindigt met het
voltooien van de koorpartij in 1656. De toren echter, blijft onvoltooid
tot op één derde (55 m) van de oorspronkelijke hoogte.
De
kerk behoort met haar barokinterieur tot één van de
rijksten van Noord-Europa. Welstellende parochianen, behorend tot de
elite van het 17e eeuwse Antwerpen, schonken haar een rijkdom zonder
weerga. De kapellen zijn toegewijd aan een bepaalde heilige, vaak de
patroonheilige van een gilde, een broederschap of de devotie van een
welbepaalde adelijke familie. Onder de 23 houten en marmeren altaren
bevinden zich nog twee originele renaissance portiekaltaren. We treffen
er schilderijen aan van P.P. Rubens, A. Van Dijck, J. Jordaens, C.
Schut, H. Van Balen, A. Breughel, J.E. Quellin… Beeldhouwers met
namen als H. Van Mildert, S. Van de Eynde, Colyns de Nole, L.
Willemsens, M. Van Beveren, H. Verbruggen, A. Quellin en W. Kerrickx,
leverden er meesterwerken. Voor P.P. Rubens werd de kerk niet alleen
zijn parochiekerk; in 1640 werd hij er ook begraven.
Een
opmerkelijk geheel is het unieke koorensemble met hoogaltaar (1685)
koorgestoelte (1658-70) en Forceville-orgel (1727), geconcipieerd naar
aanleiding van de oprichting van een kapittel door Mgr. Ambrosius
Capello in 1656. In 1765 verleent paus Clemens XI deze
Brabants-gotische kerk in kruisvorm de titel van ‘Insignis
Collegialis’. ‘Vermaarde collegiale’. De 9-jarige
W.A. Mozart bespeelt er het orgel in 1765. Tijdens de Franse Revolutie
werd het interieur ongemoeid gelaten door de handtekening van pastoor
Mortelmans, die zich akkoord verklaarde met het Franse ideeëngoed.
De St-Jacobskerk kan dan ook terecht beschouwd worden als de enige
Antwerpse kerk met een ongeschonden interieur, representatief voor de
17e en 18e eeuw.
|
|